Vergeving?

Door Marjoleine

De komende tijd buigen we ons bij de VPSG over het onderwerp vergeving. In het najaar organiseren wij in samenwerking met de PThU een studiemiddag over dit heikele thema. We zijn er druk mee in de weer en nadere informatie over programma en locatie volgt spoedig.

Ik noem vergeving een heikele kwestie omdat het in onze ervaring een beladen thema is. Veel mensen ervaren druk om te vergeven, terwijl zij daar zelf helemaal niet aan toe zijn. En zelfs deze formulering is al dubieus, want er niet aan toe zijn veronderstelt dat er een moment komt of zou moeten komen waarop zij er wel aan toe zijn. Alsof vergeving iets is wat moet.

Woensdag 4 april jl. bezochten mijn collega Judith van der Werf en ik een studiedag van de SMPR over vergeving. Bij aanvang van de dag werd aan de deelnemers gevraagd om positie te kiezen. Vind je dat vergeving moet, mag, kan, of niet van toepassing is. Wat mij betreft is voor alle opties iets te zeggen, behalve voor ‘vergeven moet’.

Het grote probleem met ‘moeten’ is dat het je innerlijke ruimte inperkt. Innerlijke ruimte is een metafoor voor een binnenwereld die ruimte biedt aan alles wat er in je leeft. De dichter Rumi schreef hierover een gedicht dat als volgt begint:
Dit mens-zijn is een soort herberg/ Elke ochtend weer nieuw bezoek/ Een vreugde, een depressie, een benauwdheid/ een flits van inzicht komt/ als een onverwachte gast/ Verwelkom ze; ontvang ze allemaal gastvrij. (lees hier het hele gedicht: http://www.gedichtbundel.nl/gedichten/de%20herberg.html)

Bij seksueel misbruik spelen er zoveel gemengde gevoelens. Welke ‘gasten’ melden zich allemaal bij de herberg van slachtoffers? Er is vaak woede, maar ook loyaliteit naar de dader. Er is schaamte, maar ook verontwaardiging om onrecht. Er is behoefte aan erkenning en misschien verlangen naar vergeving. De behoefte kan groot zijn om te zeggen: nu moet het maar eens klaar zijn. Nu is het tijd voor vergeving. Het probleem is dat je daarvoor de deur moet dichthouden voor al die ongewenste gasten. Tegen woede moet je bijvoorbeeld zeggen: voor jou is geen plaats in de herberg. Maar laat die gast zich tegenhouden? Vaak weten ze hun weg naar binnen wel te vinden om vervolgens de hele tent op zijn kop te zetten. En als je ze weet buiten te houden, kost dat al je kracht met alle, vaak depressieve, gevolgen van dien.

In een proces van heelwording verdienen alle tegenstrijdige gevoelens en behoeften een plek. Alles mag er zijn en worden verkend. Al die tegenstrijdige posities mogen een stem krijgen, alle ‘gasten’ krijgen een plek aan tafel in de herberg. En wie weet wat er dan kan ontstaan. Wie weet, als de woede een tijd van zich heeft mogen laten horen, als de schaamte schoorvoetend verschijnt, als de schuldgevoelens zich durven tonen, wie weet, ontstaat er dan ruimte voor iets als vergeving. Dat kan, dat mag, maar dat hoeft niet.

Afbeelding herberg is afkomstig van: https://www.dharmatoevlucht.nl/

Wat had je die dag aan?

Door Janine

Afgelopen januari was er in de Brusselse wijk Molenbeek de opmerkelijke expositie ‘Wat had je die dag aan.’ Een confronterende verzameling kleding illustreerde wat mensen droegen ten tijde van hun verkrachting. Niet alleen een kort jurkje waar vaak zoveel ophef over is, maar ook een pyjama, een simpele spijkerbroek, een djellaba en zelfs een rode kleuterjurk waren te zien. Schokkend om te zien, wetende dat deze reconstructies van de kledingstukken symbool staan voor waargebeurde verhalen en echte schendingen van grenzen.

Het is toch vreemd. In de modewereld ben je niet flexibel genoeg als je niet je kleding uittrekt, maar als je verkracht of aangerand bent, wordt er vaak gevraagd wat je droeg. Alsof dat iets te maken heeft met schuld, omdat je volgens hen te uitdagend gekleed was. “Want dan vraag je er toch zelf een beetje om?” De expositie is een reactie hierop, laat zien dat het niet uitmaakt of je al dan niet een kort rokje droeg. De kleding die er hangt is divers en de boodschap die hiervan uitgaat is duidelijk: Het kan iedereen overkomen, ongeacht hoeveel of hoe weinig je aan hebt.

Persoonlijk denk ik dat het ontzettend belangrijk is dat het onderwerp van kleding en grenzen meer aandacht krijgt. Er wordt een ontzettend verwarrende boodschap naar –met name- vrouwen afgegeven. De eerste is dat je niet zo moeilijk over naakt moet doen, flexibel om moet gaan met je eigen grenzen. Maar als je vervolgens besluit om in een zomerjurkje over straat te lopen, daag je uit en is het je eigen schuld als mensen besluiten om over jouw grenzen heen te stappen. We hebben een dialoog nodig over de vrijheid om je te kunnen kleden zoals je wilt en over het recht om je hierin veilig te voelen. Een discussie over onze vooroordelen en hoe we deze los kunnen laten, wetende dat het in de praktijk niet uitmaakt wat je draagt. Een gesprek over hoe we kunnen stoppen te spreken over kleding en het zelf schuld dragen.

Ook ik voel me soms beperkt door die vooroordelen, denk twee keer na voordat ik iets aantrek, voel me niet altijd veilig op straat als ik ook maar een beetje bloot laat zien. Bang dat ik iets uitlok. Dat legt voor mij de vinger op de zere plek. “Ik ben bang dat ik iets uitlok.” Ik trek de schuld naar mij toe door hoe ik mij kleed. Te zot voor woorden toch? Want uiteindelijk ligt de schuld nooit bij het slachtoffer en diens kledingkeuze. En daarom zou er gekeken moeten worden naar het creëren van veiligheid, voor iedereen, wat je ook draagt.  Deze expositie lijkt me een mooi startpunt voor het starten van deze discussie. Ondertussen ga ik mij niet door angst laten tegenhouden en laat ik me qua kledingkeuze alleen leiden door mezelf. En ja, dat betekent dat ik wanneer het weer warmer wordt ook mijn zomerjurkje uit de kast haal.

Hopelijk komt ‘wat had je die dag aan’ ook eens naar Nederland.

Machtsmisbruik in de modewereld

Door Marjoleine

“Wanneer overschrijdt een modefotograaf de grens met minderjarige modellen?
Jurist noemt het kinderporno, modewereld kunst”

Modellenbureaus vinden zijn blote foto’s prachtig, zedenexperts beoordelen de beelden als ‘mogelijke kinderporno’. Het werk van fotograaf Yorick Nubé is illustratief voor de modewereld, waar grenzen vaag zijn en modellen worden geacht ‘flexibel’ te zijn. ‘Bureaus geven je het idee dat je zwak bent als je niet naakt op de foto durft.’

Dit is de aanhef van een krantenartikel in De Volkskrant van zaterdag 10 maart jl. Wat voorheen normaal gevonden werd – jonge meiden zo bloot mogelijk fotograferen, staat nu ter discussie. Dankzij #MeToo. Een bezorgd model uitte haar zorgen over deze situatie bij De Volkskrant die vervolgens op onderzoek ging. Duidelijk werd dat minderjarige meiden met een hartswens om model te worden in hun eentje naar een fotograaf werden gestuurd, die hen liefst zo bloot mogelijk fotografeerde. Niet om er pornografie van te maken, maar om hen zo puur mogelijk in beeld te brengen, aldus de fotograaf.
Mij maakt het niet zoveel uit of je de foto’s in juridische zin porno noemt of niet (alhoewel het de moeite loont om zelf een blik te werpen op de foto’s van Nubé en tot je eigen oordeel te komen). Wat mij vooral raakt is dat deze meiden geen recht lijken te hebben op hun grenzen. Als zij hun aarzeling uiten, dan wordt hen verteld dat dit ‘normaal’ is. Of nog sterker: dat het bij professionaliteit hoort om ‘flexibel’ te zijn. Er is een scheve machtsverhouding tussen een minderjarig meisje met een droom, die mogelijk door deze foto’s aan een carrière beginnen kan en een machtige context. Kan zij weigeren? Tegen welke prijs? “Als model krijg je erin geramd dat je onder alle omstandigheden flexibel en professioneel moet zijn, zegt model Aimée in het artikel in De Volkskrant. “Je grenzen aangeven wordt soms zelfs als onprofessioneel gezien. Je bent een goed model als je niet moeilijk doet.”

De teneur in het artikel is dat in de modellenwereld een machtsstructuur is ingebouwd die jonge meiden en vrouwen kwetsbaar maakt voor misbruik. Het is fantastische journalistiek die dit aan de orde stelt. De normen over wat wel en niet kan verschuiven heel snel, hopelijk gaat deze discussie door tot het punt dat we een keiharde norm stellen: het kan niet zo zijn dat meisjes en vrouwen onder druk komen te staan om zich naakt te tonen. Het kan niet zo zijn dat zij voor hun droom moeten betalen met hun vrijheid en hun zelfbeschikking.
Waar macht is, daar ligt misbruik op de loer weten we inmiddels. Modellenbureaus zouden zich veel meer moeten opwerpen als beschermheer of beschermvrouw. Ik hoop van harte dat het zwaard van #MeToo de machtstructuur in de modewereld doorklieft!

Angel

Door Marjoleine

“Je moet de angel eruit halen.” Indringend kijkt Janna me aan. Ze weet waar ze het over heeft. Als ervaringsdeskundige met seksueel misbruik heeft ze vele hulpverleners ontmoet en desgevraagd geeft ze me advies. “Je moet echt luisteren”, vervolgt ze, “en dan opletten waar je zelf geraakt wordt.” Ze valt even stil en zegt dan met klem: “Het is vernederend als een hulpverlener met een techniek komt aanzetten en zich boven je plaatst.”

Ik ontmoet haar op het afscheid van mijn voorganger, Maddy de Bruin. In Maddy’s voetsporen begeleid ik mensen die worstelen met zingevingsvragen over seksueel misbruik en godsdienst.
Ik luister met aandacht naar Janna’s advies, want ik kan wel wat goede raad gebruiken…

Haar woordkeus raakt me. Een angel. Zou het kunnen dat meer nog dan de gebeurtenis zelf, de gedachten die je over jezelf ontwikkelt, je beetje bij beetje vergiftigen? Gedachten en overtuigingen die zo lelijk en naar zijn, en de schaamte erover zo groot, dat je ze met niemand durft te delen. Een angel die zonder tegenkracht jarenlang, soms een leven lang, zijn gif blijft afgeven.

Hierover nadenkend, begrijp ik beter waarom Janna het belang van echt luisteren zo benadrukt. Luisteren is een tegengif. Eenmaal blootgesteld aan het licht, aan een toehoorder die oprecht luistert, verliezen de gedachten hun overtuigingskracht. Misschien ontdek je dat sommige overtuigingen aan jou zijn opgedrongen door de dader. De angel is dan op zijn minst voor een deel het resultaat van bewuste of onbewuste manipulatieve strategieën van de dader. Ze horen niet echt bij jou, maar bij de dader. Door je schaduwovertuigingen in woorden te vangen kun je er wat afstand van nemen, waardoor ze je minder in de greep houden.

Bij de VPSG zeggen we ook wel dat we iemand te voorschijn willen luisteren. Daarom zal ik Janna’s advies ter harte nemen en me niet verschuilen achter technieken maar proberen om echt te luisteren. Mijn oordelen of behoefte om op te lossen zal ik moeten opschorten. Misbruik kunnen we niet repareren, maar wie weet, misschien kunnen we mettertijd samen die angel eruit halen.

Helende woede

Door Janine

Ik moet het toch toegeven. Ik ben van nature te vergevingsgezind. Vaak prijs ik me om deze eigenschap, dat ik verder kan kijken dan pure emotie. Maar soms kan het opzij zetten van emotie ten koste gaan van mezelf. Het kan lang goed gaan hoor, maar op termijn loop ik vast en wil ik weer verder kunnen. Dan moet ik toch wat met die opgekropte emotie.

Hoe komt het eigenlijk dat het zo wijdverbreid is dat in situaties waarin we gekwetst worden of waarin onze grenzen overschreden worden dat we alles vergoelijken of in de doofpot stoppen? Dat na het overleven van seksueel geweld we vaak we geen ruimte geven aan onze emoties.  Waarom verstop ik mijn verdriet en mijn boosheid en laat ik deze alleen tevoorschijn komen als niemand kijkt; en vaak dan zelfs niet? Alsof het er niet mag zijn. Terwijl mij toch echt onrecht is aangedaan.

Ik heb het vermoeden dat bij mijzelf het idee leeft dat woede iets slechts is, iets negatiefs. En dit ‘slechte’ wil ik niet. Ik wil licht, blijdschap en vooral een gevoel van vrede in mijn omgeving. Dus de woede stop ik snel ergens weg, hopend dat als ik erboven sta het vanzelf verdwijnt. Een beetje naïef blijkt vaak achteraf. De laatste keer dat ik gekwetst werd, door overspel, heb ik maandenlang gedaan alsof alles nog koek en ei tussen ons was als vrienden. Dat het overspel niet tussen ons in stond na het staken van de relatie. Ik wou vooral niet dat ik mij liet leiden door blinde woede, wou niet voelen wat het nou werkelijk met mij deed. Zodat ik gewoon kon doorgaan zoals ik altijd zou doen.

Maar dat niet hoeven voelen zodat ik gewoon kan doorgaan is waar het begon te wringen. Want op dezelfde voet doorgaan na een ervaring waarin je gekwetst bent is vaak niet mogelijk, omdat het je ten diepste raakt. Die woede kwam er bij mij uiteindelijk uit, met een heleboel tranen en ook boosheid naar mijzelf dat ik die woede voelde en niet kon onderdrukken. Maar uiteindelijk luchtte het ook op en gaf het eindelijk weer ademruimte, lucht om zowel het fijne als het nare te kunnen voelen en in beweging te komen.

“Ik mag boos zijn, het is ook niet eerlijk, ik verdien dit niet, dit doet pijn, waarom kwets je me?”

Soms is het volgens mij nodig om je even goed boos te maken en is het ook gewoon een nuttige emotie die niet alleen negatief is. Het mag gevoeld worden, want soms zijn dingen ook niet eerlijk, doet iets je pijn of wind je je ergens over op. Blinde woede is misschien niet altijd even verstandig, maar toegeven aan je woede, accepteren van je woede en ook het uiten van je woede kan vaak helend werken.

Dienst Keizersgrachtkerk over seksueel misbruik

Door Marjoleine

Op zondag 4 februari werd er in de Keizersgrachtkerk een dienst gewijd aan seksueel geweld. Deze dienst was voorbereid door Gerhard Scholte, Robert-Jan Nijland, Ina Beemster samen met Gezien van der Leest en Marjoleine Vosselman van de VPSG.

Seksueel geweld en seksuele intimidatie is niks nieuws, het is iets van alle tijden. Ook de Bijbel kent haar #MeToo verhalen, hoewel die lang niet bij iedereen bekend zijn. Op 4 februari stonden we stil bij het verhaal van Tamar en Amnon ( 2 Samuel 13), een verhaal waarin we een inkijkje krijgen in hoe seksueel geweld ontstaat en wat het allemaal teweeg brengt in de levens van mensen. Dit onbekende verhaal maakte grote indruk. Het verhaalt expliciet over de verkrachting van Tamar door haar halfbroer Amnon, over de berekenende stappen van Amnon die eraan vooraf gaan en over de gevolgen voor Tamar.
Gerhard Scholte wees in zijn preek nadrukkelijk op de gelaagdheid van de vele kwetsuren die Tamar hierbij oploopt. Niet alleen wordt zij door Amnon bruut verkracht, onteerd en afgewezen, ze wordt ook in de steek gelaten door de mensen in de omgeving die haar hadden kunnen beschermen. Gerhard Scholte oppert dat koning David bijvoorbeeld aan Amnon had kunnen vragen: “Wat heb jij met Tamar?”. Alleen die vraag al had Amnon duidelijk kunnen maken dat hij in de gaten werd gehouden. Tamars broer Absalom, aan wie ze haar verhaal vertelt, zegt haar: zwijg erover. Een advies dat alleen nog maar meer bijdraagt aan haar schaamte en vernedering.

Op deze zondag in februari kozen wij ervoor om juist dit verhaal te lezen. We doorbreken Absaloms opdracht om te zwijgen. We praten erover in de kerk en we nodigen de mensen die slachtoffer zijn van seksueel geweld uit: praat erover. Breng je verhaal aan het licht en deel het met iemand die luistert. Praat er ook over als je dingen waarneemt die je een niet-pluis gevoel geven en stel de vraag die Koning David niet stelde: “Wat heb jij toch met haar of met hem?”.
Hoe moeilijk ook, praat erover.

 

Noem mij Lottemijn

Door Lottemijn
Ik maak gebruik van een pseudoniem, omdat het nog altijd lastig is om onder je eigen naam te schrijven, want ik vertel hier over mijn eigen verkrachting en die van vrouwen en mannen in mijn directe omgeving. Dat is gevaarlijk omdat er nog steeds heel veel vooroordelen zijn over verkrachting. Schade-brengende vooroordelen. Het is nog steeds onveilig om erover te praten. Alleen bij de VPSG voel ik me begrepen en veilig genoeg om mijn mond open te doen. Je zag het ook bij #MeToo. Er werd vaak met vooroordelen gereageerd op de verhalen over verkrachting en aanranding van slachtoffers.
Even wat feiten. Ik ben 40 jaar geleden verkracht. Ik was toen 21 jaar jong. Ik heb daardoor een ernstige psychische ziekte gekregen. Ik ben ook in mijn leven twee keer aangerand. Ik heb er in het verleden veel over gepraat, maar nu alleen nog maar als ik me veilig genoeg voel. Doordat ik er vroeger zo open over was, werd ik geconfronteerd met veel vooroordelen. Maar anderen die mijn verhaal hoorden bleken ook te zijn verkracht en/of aangerand. Daardoor weet ik dat verkrachting veel, heel veel, voorkomt.
Ik schrijf dus als ervaringsdeskundige. Dat betekent dat het rauw van de schrijftafel komt. Ik schrijf met een emotionele lading. Ik heb het zelf meegemaakt en ik neem geen blad voor de mond.
Gij lezer, man of vrouw, voel je vrij om (anoniem of onder je eigen naam) te reageren op ons blog. Praat er maar over!

Ik ben Marjoleine

Door Marjoleine

Na Janine is het mijn beurt om me voor te stellen. Ik ben Marjoleine. Sinds mei 2017 werk ik als counselor bij stichting VPSG. Met de trein reis ik iedere dinsdag en woensdag vanuit Nijmegen naar Haarlem om mensen te begeleiden bij hun vragen op het gebied van zingeving en seksueel misbruik. Toen ik in het voorjaar van 2017 zag dat deze functie vrijkwam, voelde ik me meteen aangesproken door de missie van de VPSG. Ik ben van huis uit psycholoog, maar dan wel een die zich eigenlijk meer levensbeschouwelijk counselor voelt. Ik voel me dan ook thuis bij de werkwijze van de VPSG. Hoe naar de verhalen van mensen vaak ook zijn, toch ben ik steeds weer onder de indruk van de kracht die ik in iedere overlevende van seksueel geweld ontmoet. Ik heb bewondering voor hun moed om hun verhaal te doen en ik vind het bijzonder dat ik daarbij van betekenis mag zijn.
Veel mensen vragen me of ik Haarlem niet veel te ver vind, maar ik vind het juist heerlijk. De tijd die ik in de trein doorbreng, gebruik ik om te lezen. Boeken zijn voor mij altijd al een belangrijke bron van inspiratie geweest. Ze helpen mij om woorden te vinden voor dingen die daarvoor onzegbaar waren, om menselijke ervaringen van binnenuit te begrijpen. Boeken geven mij hoop, omdat ik er steeds nieuwe zienswijzen in vind. Als ik na het lezen van het boek denk ‘Zo had ik het nog niet bekeken’, dan weet ik dat ik er wijzer van ben geworden. Het is mijn wens dat onze blogteksten op lezers ook dat effect zullen hebben.
Mijn onhebbelijkheid is dat ik te pas en te onpas kom aanzetten met een leestip. Ik vrees dat ik dat ook op deze blog niet kan laten. Vandaag begin ik aan Het boek van vergeving van Desmond en Mpho Tutu. Daar zal ik ongetwijfeld over berichten. Daarnaast zullen we met onze blogteksten aansluiten bij de actualiteit. Ik nodig jullie van harte uit om te reageren op onze teksten. We zullen er zorgvuldig mee omgaan.

 

 

Ik ben Janine

Door Janine

Ik geef jullie in mijn eerste blogbericht een introductie van mijzelf, één van de schrijvers van dit nieuwe blog.

 Ik ben Janine Vink, 30 jaar en werk aan deze blog als vrijwilliger. Ik zie mijzelf in het dagelijks leven zowel als geestelijk verzorger en als schrijver, en schrijf dan ook met name over zingeving. Betekenis geven in alle facetten van het leven, toegespitst op de dagelijkse realiteit.  

Het is eigenlijk puur toeval dat ik hier bij de VPSG terecht gekomen ben. In een vacaturebericht -naar welke ik uiteindelijk niet gesolliciteerd heb- werd ik door iets gegrepen. Een warmte, een verbonden en betrokken gevoel verpakt in slechts een paar korte bondige zinnen. Wow. Ik voelde me geroepen door hun boodschap en stuurde hen enkele weken geleden een mail waarin ik nadrukkelijk vroeg of ik iets voor ze kon betekenen als vrijwilliger. Nu ben ik regelmatig te vinden op locatie, om zoveel mogelijk te leren over de VPSG en te schrijven over hun identiteit, werkzaamheden en over de thema’s waar ze dagelijks mee te maken krijgen.  

Maar waarom wil iemand nou in vredesnaam uit vrije wil schrijven over seksueel geweld? Zo’n zwaar beladen onderwerp? Omdat het moet gebeuren. Ik denk dat het belangrijk is dat er over seksueel misbruik gepraat en geschreven wordt, en over seksualiteit en grenzen in het algemeen. Want ook daarop rust een taboe. Ondanks pogingen tot openheid en communicatie over dit onderwerp is seksueel misbruik nog steeds een gevoelig onderwerp in de maatschappij en spreken we er liever niet over. Toch moet dat, is het belangrijk dat we er niet voor weglopen en dat we erover blijven schrijven en praten. Juist omdat het een beladen onderwerp is. Delen, herkenning creëren. Maar ook kennis verspreiden en een beter beeld scheppen van wat we bij de VPSG doen, dragen allemaal bij aan openheid creëren rondom zoiets naars als misbruik, geeft bestaansrecht aan de gevoelens, pijn. Maar tevens ook de kracht van mensen die misbruik hebben moeten ondergaan.  

Die kracht is iets wat ik centraal wil stellen in mijn blogberichten. Omdat kracht een kernbegrip is bij de VPSG, zowel in negatieve als positieve zin. Negatief in de zin dat we dagelijks geconfronteerd worden met hoe veelvoorkomend en verwoestend misbruik tot op de dag van vandaag is.
Het verandert levens, raakt je ten diepste, is zinloos. Het zou niet mogen gebeuren en laat elke dag opnieuw zien waarom het zo nodig is dat de VPSG dit werk doet. 

Maar er is ook de kracht in mensen. Om opnieuw de betekenis te geven aan je leven, weer te leren vertrouwen in mensen of in God. Maar juist ook in de momenten van kwetsbaarheid wanneer je hulp zoekt of omdat je het huis uit bent gegaan terwijl je bang was om buiten te komen, zit een enorme oerkracht waar ik diep ontzag voor heb. Juist in zeggen dat je het niet altijd alleen kan zit kracht. 

 Ik hoop dat ik jullie iets te bieden zal hebben als blogger van deze prachtige organisatie en zal mijn uiterste best doen om met respect en met openheid voor jullie te schrijven.  

 

De VPSG gaat bloggen

Door Marjoleine

2017 is het jaar van #MeToo. Al maandenlang kan je geen krant openslaan of je leest een item over seksueel geweld of intimidatie. Ook lijken er nog nooit zoveel televisieprogramma’s uitgezonden te zijn over seksueel geweld als dit jaar. Zo zagen we de BNN serie Misbruikt en het programma Verkracht of niet?.

Bij de VPSG volgen we de ontwikkelingen op de voet en willen ons steentje bijdragen. Het motto van de VPSG is immers al 30 jaar ‘Seksueel geweld. Praat erover’. #MeToo is wat dat betreft een hoopvolle beweging omdat het een collectieve beweging is van mensen die het zwijgen doorbreken. Dat is belangrijk, want juist het zwijgen is voor slachtoffers een dwangbuis. ‘Het is ons speciale geheimpje’ zegt een dader bijvoorbeeld samenzweerderig. Of hij dreigt: ‘Als je het vertelt, dan kom ik in de gevangenis en dat is jouw schuld’, of  ‘als je het vertelt, zorg ik dat je nergens meer aan het werk komt’. Geheimhouding is een effectieve strategie van een dader om een slachtoffer in zijn macht te houden. Het is ook een misdadige strategie, want het houdt mensen soms hun leven lang gevangen in een vergiftigend isolement van schuld en schaamte. Ieder slachtoffer dat spreekt over wat hem of haar is aangedaan, bevrijdt zichzelf en opent de deur voor anderen om hetzelfde te doen. Daarom nodigen wij bij de VPSG mensen uit om te praten over wat hen is aangedaan.

We mogen daarbij echter nooit onderschatten hoeveel moed er nodig is om te spreken. We hebben immers ook nu, bij de #MeToo getuigenissen, gezien wat de risico’s zijn voor slachtoffers die een boekje opendoen. Niet geloofd worden, te horen krijgen dat ze het over zichzelf hebben afgeroepen of worden afgeschilderd als manipulatieve fantast zijn een hoge prijzen die slachtoffers betalen voor hun onthullingen.

We vinden dan ook dat de moed van hen die spreken behoedzame reacties verdient. Bij de VPSG hechten we veel waarde aan zorgvuldige afwegingen, genuanceerde woordkeus en een stellingname die recht doet aan de ervaringen van slachtoffers. Allemaal dingen die in de snelheid en sensatiegerichtheid van het publieke debat zo gemakkelijk verloren kunnen gaan, maar andersom zijn we bij de VPSG wel eens te traag in onze reacties. Te traag om te reageren op de snelle reacties op onthullingen van seksueel misbruik, die haast reflexmatig lijken: twijfelen aan het waarheidsgehalte, twijfelen aan de rol van het slachtoffer, discussie over de schuldvraag. Al die reacties die we ook terugzien in de #MeToo discussies. Het zijn reacties die opnieuw mensen het zwijgen kunnen opleggen.

De kracht van #MeToo is echter dat het een collectieve beweging is. Een enkel individu laat zich het zwijgen opleggen, maar een collectief niet! #MeToo laat zien dat er tegenkracht is. Hopelijk niet alleen een aanklagende kracht, maar een beschermende kracht. Daarom moeten wij het #MeToo gesprek met elkaar blijven aangaan, ook als straks de wind van de media aandacht weer gaat liggen. We moeten met elkaar praten over seksualiteit en grenzen. Er is immers geen krachtiger bescherming tegen individueel machtsmisbruik dan gedeelde waarden van een gemeenschap.

2017 is dan ook het jaar dat de VPSG de drempel overgaat naar de sociale media, te beginnen met ons blog ‘praaterover’. Met dit blog willen we ons steentje bijdragen, door te zoeken naar woorden en beelden die recht doen aan ervaringen van mensen die seksueel geweld is aangedaan, door het zwijgen te doorbreken. Moge het de drempel verlagen voor hen die hun verhaal willen doen. En moge het de bereidwilligheid vergroten om hun verhalen tevoorschijn te luisteren.